Marcel Quinet
componist | België, °1915 - 1986
 
COMPOSITIE 1957 A : Tweede Prijs
Marcel Quinet (1915-1986) begon zijn opleiding aan de Muziekacademie in zijn geboorteplaats Binche en vervolgde ze aan het Koninklijk Conservatorium van Mons. In 1934 schreef hij zich in aan het Koninklijk Muziekconservatorium van Brussel alwaar hij een groot aantal successen boekte: hij behaalde er onder meer de Eerste Prijs fuga (Gevaert-prijs, 1938), Hoger Diploma piano (Ella Olin-prijs, 1942) en de Compositieprijs (Agniez-prijs, 1946). Hij werd gevormd door Fernand Quinet (harmonie), Léon Jongen (fuga) en Marcel Maas (piano) en leerde componeren bij Léon Jongen en nadien vooral bij Jean Absil.

In 1945 behaalde hij de Eerste Grote Prijs van Rome voor zijn cantate “La Vague et le Sillon”. Dit werd het begin van een uiterst creatief leven. In 1957 behaalde hij met zijn “Variation pour Orchestre” de Tweede Prijs voor compositie in de Koningin Elisabethwedstrijd. In 1959 kende het CeBeDeM hem voor zijn “Divertimento” de Emile Doehaert-prijs voor compositie toe. Hij behaalde tevens de Prijs van de Vereniging van de Belgische Muziekpers (1964), de Irma de la Hault-prijs (1966), de Koopal-beurs (1970), de SABAM-prijs(1972) en de Stichting Darche-prijs (1978).

Hij gaf les aan de Academie van Binche (1939-1943) en werd pianoleraar aan de Academie van Etterbeek (1941-1969). Aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel begon hij vanaf 1943 met het geven van pianolessen en onderwees er nadien geschreven harmonie (1948-1959) en fuga (1959-1979). Hij stond zowel in Sint-Joost-Ten-Node als in Schaarbeek aan het hoofd van de Muziekacademie (1951-1975). Aan de Muziekkapel Koningin Elisabeth van België werd hij herhaaldelijk buitengewoon leraar en nadien gewoon leraar voor compositie (1968-1979). Hij was bestuurder van SABAM (1976-1980) en nadien voorzitter van de Kas voor Bijstand en Solidariteit (1980-1986).

In 1959 profileerde hij zich reeds als muzikale wereldpersoonlijkheid. Over hem schreef Robert Wangermée: “In de eerste werken van Marcel Quinet is de wil om terug te keren naar Bach, via Hindemith, tamelijk voelbaar. Elders liet ook zijn bewondering voor Bartok zijn sporen na, maar is vooral de invloed van Absil opmerkelijk aanwezig. Dit blijkt duidelijk uit de melodische wendingen, het sierlijke contrapuntische geschrift en de zekerheid waarmee het orkest wordt gestuurd. Quinet schrijft bovendien bewonderenswaardige stukken voor piano. Het liefst geeft hij vorm aan het formele spel waarin fijngevoeligheid tot uitdrukking komt.” In zijn werk vatte Marcel Quinet de meest radicale vernieuwingen samen en gaf er, met inbegrip van de invloeden van Bartok, Stravinsky en de Weense school, een eigen expressie aan. Hoewel begonnen bij de tonale muziek, wijdde hij zich later aan de plurimodaliteit, de atonale niet-seriële chromatiek. In 1969 ontdekte hij het belang van de Oudgriekse muziek en haar metriek, waarvan zijn laatste werken getuigen.

In 1976 werd hij corresponderend lid van de Koninklijke Academie van België, categorie Schone Kunsten en in 1978 werd hij er effectief lid van.

Marcel Quinet laat ons een honderdtal geïnventariseerde werken na, die stuk voor stuk uitblinken door het moderne taalgebruik, de afwezigheid van buitensporigheid, hun persoonlijke karakter, een opmerkelijk geschrift en expressief raffinement.
Audio
Herbeleef de optredens van Piano 2021
Volg ons op Instagram
Deze Website maakt gebruik van cookies om u de best mogelijke ervaring te bieden.
Door op « ACCEPTEREN » te klikken of door verder te gaan met het gebruik van de Website, aanvaardt u het gebruik van cookies in uw webbrowser. Voor meer informatie over ons cookiebeleid en de verschillende soorten cookies die worden gebruikt, klikt u op Meer informatie
ACCEPTEREN