Voorzitter van de jury
Marcel Poot
België, °1901 - 1988
Marcel Poot (1901-1988), zoon van Jan Poot, directeur van de Koninklijke Vlaamse Schouwburg, groeide op in een artistieke omgeving. Zijn eerste muzieklessen kreeg hij van de organist Gerard Nauwelaerts en vervolgens leerde hij van 1916 tot 1919 notenleer, piano en harmonie aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel bij Arthur De Greef, José Sevenans en Martin Lunssens.
De eerste prijzen in contrapunt (1922) en fuga (1924) behaalde hij aan het Koninklijk Vlaams Conservatorium van Antwerpen bij Lodewijk Mortelmans. Bovendien was hij privé-leerling van Paul Gilson voor compositie en orkestratie.

Poot en Gilson waren samen de uitgevers van La Revue Musicale Belge, een tijdschrift dat vanaf 1925 verscheen. In datzelfde jaar richtte hij met zeven andere leerlingen van Gilson de groep Les Synthétistes op, met als doel de verworvenheden van de toenmalige muzikale evoluties te synthetiseren zonder de eigen individualiteit op te geven. In 1930 behaalde hij de Rubensprijs, waardoor hij drie maanden les kon volgen bij Paul Dukas aan de Ecole Normale de Musique te Parijs.

Zijn loopbaan startte Marcel Poot aan de Rijksmiddelbare school en als leraar piano, notenleer en muziekgeschiedenis aan de Academie van Vilvoorde. Voordat hij directeur werd van het Conservatorium van Brussel (1949-1966), doceerde hij er practische harmonie (1939) en contrapunt (1940-1949). Hij was onder meer lector aan het Institut Supérieur des Arts Décoratifs, rector van de Muziekkapel Koningin Elisabeth (1970-1976), lid van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten, juryvoorzitter van de Koningin Elisabethwedstrijd (1963-1981), voorzitter van SABAM, de unie van Belgische Componisten en CISAC, en jurylid van verschillende compositiewedstrijden.
  • Biografie
Meer informatie
Idil Biret
Meer informatie
John Browning
Verenigde Staten van Amerika, °1933 - 2003
Met een violist als vader en een pianiste als moeder, begon John Browning pianostudies op de leeftijd van vijf en gaf hij zijn eerste publieke optreden als solist met de Denver Symphony op de leeftijd van tien. Hij verhuisde vervolgens naar New York om zijn muzikale studies voort te zetten bij Rosina Lhevinne aan de Juilliard School. Hij won snel aan bekendheid door het winnen van de Steinway Centennial Award in 1954, het Leventritt Concours in 1955 en zijn Tweede Prijs op de Koningin Elisabethwedstrijd in 1956. Hetzelfde jaar merkte het grote publiek hem op tijdens zijn professionele orkestdebuut met de New York Philharmonic en Dimitri Mitropoulos, dat niet alleen zijn carrière internationaal lanceerde, maar ook Samuel Barber inspireerde om een pianoconcerto voor hem te schrijven. Zes jaar later, in 1962, werd John Browning gekozen om de wereldpremière te geven van dat concerto met Erich Leinsdorf en de Boston Symphony, tijdens de openingsviering van het Lincoln Center in New York. Het stuk werd bekroond met een Pulitzer Prize en is sindsdien uitgegroeid tot het meest uitgevoerde Amerikaanse pianoconcerto in de afgelopen halve eeuw.

Sinds zijn triomfantelijke debuut in 1956 met de New York Philharmonic verscheen John Browning op vrijwel alle podia van de wereld en hij vergaarde lofbetuigingen met zowel zijn solo-recitals, concertoptredens als opnames. Hij vertolkte en nam een breed spectrum aan werken op en bracht ook werk van de hedendaagse Amerikaanse componist Richard Cumming in première.

John Browning concerteerde regelmatig in de Verenigde Staten, Canada, Europa, Japan, Zuid-Amerika, Nieuw-Zeeland en Australië, en toerde vier maal door de Sovjet-Unie. In Noord-Amerika trad hij veelvuldig op met de symfonieorkesten van Boston, Chicago, Cleveland, Houston, Los Angeles, New Jersey, New York, Philadelphia, Pittsburgh, St. Louis, Toronto en Washington DC. Daarbuiten gaf hij optredens met onder andere het Koninklijk Concertgebouworkest van Amsterdam, de London Philharmonic, Londen en Scottish National Symphony Orchestra, en de Royal Stockholm Philharmonic met Andrew Davis.

Hij werkte samen met Leonard Slatkin op zowel de Wolf Trap en Blossom Music Festivals, Pinchas Zukerman op het Ravinia Festival, het Tokyo String Quartet in het Lincoln Center's Mostly Mozart Festival, en Robert Spano en het Boston Symphony Orchestra in Tanglewood. Hij was ook een favoriet op andere Amerikaanse muziekfestivals en werd vaak uitgenodigd in de Hollywood Bowl, Caramoor International, Grant Park, Saratoga, Newport, Rockport, Seattle International, St. Charles Art & Music, Minnesota Orchestra Summerfest, en het Peninsula Music Festival.
  • Biografie
Meer informatie
Eduardo del Pueyo
, °1905 - 1986
De Spaanse pianist en pedagoog Eduardo del Pueyo (1905-1986) verwierf in 1927 te Parijs bekendheid als pianist tijdens concerten die georganiseerd werden om de honderdste verjaardag van het overlijden van Beethoven te vieren. Enkele maanden later besloot hij - tot ieders verbazing - zijn carrière terzijde te schuiven om het onderricht van Marie Jaëll te bestuderen, leermeesteres van een nieuwe pedagogie gebaseerd op de psychofysiologie. Toen hij in 1937 weer in het openbaar verscheen in Brussel, was men verwonderd over zijn manier van spelen en zijn aanslag. Zijn lievelingscomponisten waren Beethoven, Liszt en Debussy, maar ook Spaanse componisten, zoals Albéniz. Vanaf 1947 was Eduardo del Pueyo leraar aan het Conservatorium van Brussel. Hij leidde een groot aantal pianisten op, waarvan verschillenden laureaat zouden worden bij de Koningin Elisabethwedstrijd.
  • Biografie
Meer informatie
André Dumortier
België, °1910 - 2004
Het leven en de carrière van André Dumortier, pianodocent en solist, bestreken zowat de volledige vorige eeuw. Hij werd geboren in Komen in 1910 in een familie van amateurmuzikanten. Door de oorlog verliet hij zijn geboortestad. In 1919 vestigde hij zich in Doornik waar hij zijn intrede nam in de School van de Broeders. Zijn muzikale gevoeligheid bracht hem al snel in het koor van de kathedraal, waar hij de gregoriaanse en polyfonische gezangen ontdekte. Ondertussen begon hij zijn studie piano aan het Conservatorium van Doornik. Zijn muzikale ontwikkeling verliep snel door de solide basis die hij verwief bij zijn moeder, een pianolerares. In 1920 gaf hij zijn eerste recital in Komen. In 1922 maakte hij kennis met La Damnation de Faust van Berlioz in Doornik. In de liederen, gezongen door zijn moeder met orkest en koor, ontdekte de jonge koorknaap de grondslagen van de westerse klassieke muziek. Hij besliste muzikant te worden.

In 1925 ging André Dumortier in de leer aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel bij José Sévenants, de voormalige assistent van Arthur De Greef, die zelf bij Franz Liszt gestudeerd had. In 1935 begeleidde hij de jonge Arthur Grumiaux en speelde in de hal van het Conservatorium van Parijs.

In 1938 werd hij een laureaat van het Concours Eugène Ysaÿe, de toekomstige Koningin Elisabethwedstrijd. Een reeks concerten voerde hem doorheen België, Frankrijk, Nederland en Engeland. Zijn eerste opnames maakte hij tijdens een bezoek aan Londen. Na de Tweede Wereldoorlog begon hij aan een dubbele carrière als solist en pedagoog. Zo werd hij docent piano aan het Koninklijk Conservatorium van Brussel in 1946, tot aan zijn pensioen in 1977. Ondertussen leidde hij het Conservatorium van Doornik van 1954 tot 1976. In 1988 begon hij interpretatiestages te geven in Doornik. Hij gaf ook master classes in Auxerre en Bayonne.

André Dumortier heeft verschillende opnames gemaakt, waaronder een dubbel-cd met de twee concerti van Weber en werk van Franck en Lekeu. Tijdens zijn carrière werd hij meermaals uitgenodigd als jurylid van de Koningin Elisabethwedstrijd, de Muziekkapel Koningin Elisabeth en een aantal Koninklijke Conservatoria in binnen- en buitenland. In 2010 publiceerde het Huis van Cultuur in Doornik de bundel Entretiens, die ook een biografie bevat.
  • Biografie
Meer informatie
Liuba Enceva
Bulgarije (Rep.), °1914 - 1989
De Bulgaarse pianiste en muzieklerares Liuba Enceva volgde haar eerste pianolessen bij haar moeder. In 1932 studeerde ze af aan het Conservatorium van Milaan. Ze specialiseerde zich vervolgens in Parijs bij Marcel Ciampi en Lazar Levy en in Berlijn bij Edwin Fischer. In 1936 won ze de zilveren medaille op de Internationale Wedstrijd van Wenen.

Sinds 1963 was ze professor piano aan het Conservatorium van Sofia, waar ze regelmatig doceerde sinds 1950, maar ze combineerde haar pedagogische activiteiten met een internationale concertcarrière. Wegens haar hoge artistieke integriteit werd Liuba Enceva uitgenodigd om in de jury's van internationale pianowedstrijden te zetelen, zoals de Tchaikovsky, Chopin, Koningin Elisabeth, Robert Schuman, Bach, Debussy en Busoni wedstrijden. Ze was een visiting professor aan de Muzishino Academy in Tokyo in 1981-82, periode waarin ze uitgebreid door Japan en Australië toerde. Ze gaf geregeld masterclasses en in 1985 richtte ze een Faculteit Muziek in de stad Isperih op.

In 1937 nam Liuba Enceva deel aan de opening van de Bulgarijehal in Sofia, met een uitvoering van het concert voor twee piano's en orkest van Johann Sebastian Bach met Dimitar Nenov, begeleid door het Sofia Philharmonic Orchestra, onder leiding van T. Tsankov. In 1946 keerde ze terug naar Sofia voor haar eerste concert na de Tweede Wereldoorlog. Later werd ze een gevestigde soliste bij Radio Sofia. In 1959 trad ze voor het eerst op met Sava Dimitrov op de klarinet, een duo dat gedurende 26 jaar langs tal van concertpodia toerde.

Voor het Alfa and Lehman Gorle label maakte ze de eerste opnames van werken van Pancho, Svetoslav Obretenov, Dimitar Nenov, Parashkev Hadjiev en Georgi Zlatev-Cherkin. In 1989 verzorgde ze haar laatste opname voor de Bulgaarse Nationale Radio, die op cd uitgegeven werd in 2009 ter gelegenheid van de 20e verjaardag van haar dood.

In 1952 ontving Liuba Enceva de Dimitrov Prijs en in 1979 werd ze bekroond met de titel van Artiest van het Volk van Bulgarije. In 1985 mocht ze de Prijs van de Dimitar Nenov Muziekdagen in Razgrad in ontvangst nemen. In 1997 schonk haar man Alexander Petrov haar geboortehuis aan de Young Talents Foundation. Sinds 2008 wordt er jaarlijks een wedstrijd onder haar naam georganiseerd in de Academie voor Muziek van Plovdiv. Er is ook een Kunstenstichting naar haar vernoemd.
  • Biografie
Meer informatie
Rudolf Firkusny
Verenigde Staten van Amerika, °1912 - 1994
Rudolf Firkusny studeerde van 1920 tot 1927 zowel piano als compositie bij Janacek, bij Ruzena Kurzova aan het Conservatorium van Brno en bij Vilem Kurz en Rudolf Karel aan het Praagse Conservatorium. Van 1929 tot 1930 volgde hij ook compositie bij Suk. Hij debuteerde in Praag in 1922 en had een actieve loopbaan in Oost-Europa tot in 1933, toen hij voor het eerst optrad in Engeland, en 1938, toen hij zijn Amerikaanse debuut maakte. Zijn composities omvatten een pianoconcerto dat in première ging in 1930, een strijkkwartet en verschillende pianostukken en liederen.

Na zijn Amerikaanse debuut bouwde Rudolf Firkusny een internationale carrière uit als pianist en hij begon later les te geven aan de Juilliard School en de Aspen School of Music. Hoewel het best bekend voor uitvoeringen van het standaard 19e eeuwse repertoire, gaf hij ook tal van kamermuziekoptredens en vertolkte hij hedendaagse en minder bekende werken. Hij gaf premières van werken van Menotti, Barber, Ginastera, Hanson, en Martinu, onder anderen, en hij was in het bijzonder een voorstander van het werk van Dvorak en Janacek.
  • Biografie
Meer informatie
Leon Fleisher
Verenigde Staten van Amerika, °1928 - 2020
De muzikale stamboom van pianist Leon Fleisher is opmerkelijk : hij was de jongste leerling ooit van Artur Schnabel, die zelf studeerde bij Theodor Leschetizky, een leerling van Carl Czerny, die op zijn beurt studeerde bij Ludwig van Beethoven. Hij maakte zijn debuut bij de New York Philharmonic in 1944 en werd in 1952 de eerste Amerikaan die de Koningin Elisabethwedstrijd won. Hij wierp zichzelf zo op als een van 's werelds grootste klassieke pianisten die met elk groot orkest opgetreden heeft en tal van klassiekers van opnames voor Columbia / Epic (nu Sony) gemaakt heeft.

Op het hoogtepunt van zijn succes, hij was toen 36, werd hij echter getroffen door een neurologische aandoening (later geïdentificeerd als focale dystonie), waardoor twee vingers van zijn rechterhand verkrampt geraakten. In plaats van een punt te zetten achter zijn carrière ging Leon Fleisher op zoek naar een nieuw leven in de muziek. Hij begon zich te richten op het repertoire voor de linkerhand alleen en zocht zich zo een nieuwe weg als solist, dirigent en docent. Experimentele behandelingen met botoxinjecties herstelden uiteindelijk de mobiliteit in zijn hand. Hij begon weer met beide handen te spelen en werd geloofd voor zijn opname uit 2004, toepasselijk getiteld Two Hands, en een aantal daaropvolgende opnames, meest recentelijk een met pianoconcerti van Mozart (Sony Classical, 2009).

Daarna keerde Leon Fleisher terug naar enkele van de meest prestigieuze Europese muzikale hoofdsteden - Londen, Parijs en Brussel - voor optredens met het London Philharmonic Orchestra in de Royal Festival Hall en in kamermuziek in Wigmore Hall, met het Orchestre Philharmonique de Radio France in de Salle Pleyel in Parijs en in recital in het Brusselse Paleis voor Schone Kunsten. Hij debuteerde als dirigent in het Verenigd Koninkrijk met het Scottish Chamber Orchestra, toerde de Verenigde Staten met het Irish Chamber Orchestra, als dirigent / solist met het Toronto Symphony Orchestra en als solist met de symfonische orkesten van St. Louis en Baltimore. Hij trad ook op in het Lincoln Center in New York en gaf master classes aan universiteiten en conservatoria doorheen de Verenigde Staten.

Onder zijn vele onderscheidingen en prijzen tellen we de Kennedy Center Honors in 2007 voor zijn bijdrage aan de Amerikaanse cultuur. Leon Fleisher is het onderwerp van de in 2006 voor een Oscar en Emmy genomineerde documentaire Two Hands, geschreven en geregisseerd door Nathaniel Kahn. Hij schreef zijn memoires, My Nine Lives: A Memoir of Many Careers in Music samen met Anne Midgette, muziekcriticus van de Washington Post.
  • Biografie
Meer informatie
Emil Gilels
Rusland (Federatie), °1916 - 1985
Emil Gilels werd geboren in Odessa en kwam niet uit een muzikale familie: zijn vader werkte als bediende in een suikerfabriek en zijn moeder zorgde voor de grote familie. Op de leeftijd van vijf werd hij naar Yakov Tkach gestuurd, een bekende pianopedagoog in Odessa. Op zijn twaalfde gaf hij zijn eerste openbare concert. In 1930 werd hij toegelaten tot het Conservatorium van Odessa in de klas van Berta Reingbald. Haar voornaamste doel was hem voor te bereiden voor zijn deelname aan de eerste All-Unionwedstrijd voor muzikanten, die werd aangekondigd voor 1933 in Moskou. Gilels' prestatie was een sensatie : toen hij klaar was, brak het auditorium uit in een staande ovatie en zelfs de jury stond recht om te applaudisseren. Unaniem werd hij aangeduid als winnaar. De wedstrijd veranderde zijn leven : hij was plotseling beroemd in het hele land en begon nadien aan een uitgebreide concerttournee doorheen de Sovjet-Unie.

In 1935 studeerde Emil Gilels af aan het Conservatorium van Odessa. Vervolgens werd hij toegelaten tot de klas van Heinrich Neuhaus aan het Conservatorium van Moskou, maar hij bleef concerten geven. Bij zijn aankomst in Moskou begin 1936 bracht dirigent Otto Klemperer Beethovens 3e Piano Concerto met niemand minder dan Gilels als solist. Later in 1936 nam hij deel aan zijn eerste internationale wedstrijd; die van Wenen. Ondanks de aandacht die hij van het Europese publiek kreeg en het onbetwistbare prestige van zijn finaleplaats, was hij niet tevreden met de tweede plaats die hem toegekend werd. De eerste plaats ging naar zijn vriend Jacob Flier, een meer romantische pianist.

In 1938 namen beiden deel aan de Koningin Elisabethwedstrijd. Van hen werd verwacht dat ze de overwinningen van de Sovjet-violisten van een jaar eerder, met onder anderen David Oistrakh als winnaar, zouden evenaren. Gilels werd bekroond met de eerste prijs en Flier kaapte de derde prijs weg. De hele muzikale wereld begon te praten over Emil Gilels. Na de wedstrijd zou hij aan een lange tournee beginnen, met inbegrip van een passage door de Verenigde Staten. Deze plannen werden echter abrupt onderbroken door de Tweede Wereldoorlog. Op eigen bodem werd hij een held: hij kreeg een medaille voor zijn prestaties, werd bij zijn terugkeer met een welkomstfeest vereerd en zijn naam kreeg evenveel bijklank als die van beroemde ontdekkingsreizigers, piloten en filmsterren.

Emil Gilels voltooide zijn studies in 1938 en begon zelf te onderwijzen aan het Conservatorium van Moskou. Door zijn vele concerten kon hij zich niet ten volle wijden aan zijn pedagogisch werk. Toch tellen we onder zijn leerlingen pianisten als Marina Mdivani, Valery Afanassiev, Igor Zhukov en de pianist-componist Vladimir Blok.

Toen de oorlog uitbrak, werd hij niet geëvacueerd met de rest van het Conservatorium. In plaats daarvan sloot hij zich aan bij de weerstand van de burgerbevolking en na een terugkeringsbevel begon hij op te treden aan het front en in ziekenhuizen. Begin 1943 voerde hij Stravinsky's bravourestuk Petroesjka uit voor de vermoeide bewoners van het belegerde toenmalige Leningrad.

Toen de oorlog eindigde, nam Emil Gilels een speciale missie op zich. Hij zou de Kunst van een zegevierend land vertegenwoordigen. Hij besteeg het podium tussen de ruïnes van Oost-Europa en begon al snel na de oorlog concertreizen te maken door Italië, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Oostenrijk, Scandinavië en tal van andere landen. Hij werd onderscheiden met medailles en onderscheidingen en het publiek aanbad hem. In 1955 was Emil Gilels bovendien de eerste Sovjet-muzikant die sinds de Tweede Wereldoorlog door de Verenigde Staten reisde om op te treden.

Van de jaren 1950 tot 1970 stond hij in alle aspecten van zijn muziekspel op het hoogtepunt. Hij concerteerde onder de leiding van gerenommeerde dirigenten als Mravinsky, Melik-Pashayev, Svetlanov, Ivanov, Rakhlin, Gauk, Ginsburg, Eliasberg, Niyazi, Jarvi, Kitayenko, Dudarova, Barshai. Vooral zijn samenwerkingen met Sanderling en Kondrashin waren belangrijk en van lange duur. Binnen de Sovjet-Unie werkte hij verder samen met Gusman, Paverman, Maluntsyan, Gokieli, Kolomiytseva, Shaposhnikov, Gurtovoy, Rabinovich, Katz, Feldman, Vigners, Sherman, Stasevich, Sokolov, Tiulin, Kravchenko, Karapetyan, Dubrovsky, Tolba, Provatorov, Katayev, Aranovich, Chunikhin, Yadikh, Nikolayevsky en vele anderen. Hij ontdekte ook nieuwe, talentvolle dirigenten als Verbintsky en Ovchinikov.

Emil Gilels speelde ook in ensembles: met pianisten Flier en Zak, en later met zijn dochter Elena Gilels, violisten Elisabeth Gilels (zijn zus), Tziganov, Kogan, met het Beethoven Kwartet, in een trio met Tziganov en Shirinsky, evenals zijn eigen trio (Gilels, Kogan, Rostropovich), met fluitist Korneiv en de Franse hoornspeler Shapiro. In het buitenland werkte hij samen met het Amadeus Kwartet en het Sibelius Academy Quartet.

Emil Gilels nam daarnaast intensief platen op voor labels als Melodiya, Angel, Ariola, EMI, Eterna en Deutsche Grammophon, wat leidde tot een indrukwekkende discografie. Zijn vroegste opnames dateren uit de jaren 1930 en omvatten Loeillet-Godowsky's Gigue, de Fantasia op twee thema's uit Le nozze di Figaro van Mozart-Liszt-Busoni, Chopins Ballade nr. 1, de Rhapsodie hongroise nr. 9 van Liszt, Schumanns Toccata en Mendelssohns Duetto uit de Lieder ohne Worte. Al met al nam hij meer dan vijfhonderd werken op (nog afgezien van de meerdere versies die er van zijn hand bestaan van een aantal cycli en individuele stukken).

Hij was nog voorzitter van de jury van de eerste vier Internationale Tchaikovskywedstrijden, maar aan het einde van de jaren 1970 stopte Emil Gilels met al zijn activiteiten buiten het optreden. Hij trok zich terug als jurylid van internationale pianowedstrijden en gaf geen les meer.

Hij werd benoemd tot Artiest van het Volk van de Sovjet-Unie, ontving de Leninprijs (1962) en in 1976 ontving hij ter ere van zijn zestigste verjaardag de toenmalige hoogst mogelijke overheidsprijs, die van Held van de Socialistische Arbeiderspartij.
  • Biografie
Meer informatie
Franz Joseph Hirt
Zwitserland, °1899 - 1985
Meer informatie
Grant Johannesen
Verenigde Staten van Amerika, °1921 - 2005
Grant Johannesen stond in het midden van de 20e eeuw bekend als een van de belangrijkste Amerikaanse pianisten van de naoorlogse generatie. Hij werd vooral geroemd voor zijn interpretaties van de Franse muziek, in het bijzonder werken van Fauré, wiens integrale solowerk hij opnam, Saint-Saëns, Poulenc, Milhaud en Dukas. Maar hij speelde ook werken van Beethoven, Schubert en Chopin en was een voortrekker van de toenmalige hedendaagse muziek van Amerikaanse componisten als Copland, Barber, Diamond, Harris, Mennin en anderen, met inbegrip van zijn eerste vrouw Helen Taylor. Hij trad in tal van live radio-uitzendingen op en verscheen in de jaren 1950 en 1960 vele malen in de populaire Amerikaanse tv-show The Bell Telephone Hour. Hij maakte tournees door Europa, de Sovjet-Unie en Zuid-Amerika en creëerde een flinke discografie bij labels als Vox, Vai Audio en Centaur.

Grant Johannesen is geboren in Salt Lake City, UT, in 1921. Op vijfjarige leeftijd begon hij aan zijn pianostudie en hij werd een leerling van Robert Casadesus aan Princeton in 1939. Hij vervolmaakte zich bij Egon Petri en volgde compositie bij Roger Sessions in New York en Nadia Boulanger in Fontainebleau, Frankrijk.

In 1944 debuteerde hij in New York, de stad van waaruit hij voor een groot deel aan zijn carrière zou werken. 1949 was een scharnierjaar: hij won de Internationale Wedstrijd van Oostende en ging toen op tournee in Europa met de New York Philharmonic. Tragisch genoeg werd zijn eerste vrouw, componiste Helen Taylor, gedood in een auto-ongeluk in 1950. Hij was getrouwd met celliste Zara Nelsova 1963 tot 1973.

Grant Johannesen maakte nadien nog succesvolle Europese tournees met de New York Philharmonic in 1956 en 1957. Van 1960 tot 1966 doceerde hij piano aan de Aspen School of Music, met behoud van een drukke concertagenda, met inbegrip van radio- en tv-optredens. Hij toerde in 1965 door de Sovjet-Unie met George Szell en het Cleveland Orchestra en gaf er zeer succesvolle recitals in 1962 en 1970. Van 1974 tot 1977 was hij directeur van het Cleveland Institute of Music en van 1977 tot 1985 voorzitter.

Johannesen bleef actief in zijn latere jaren, hij nam zelfs nieuw repertoire op : het album Rare Russian Music op het Bonneville label in 1995, met transcripties van orkestrale muziek van Prokofiev en liederen van Rachmaninov. Tijdens een bezoek aan vrienden in Duitsland in 2005 stierf hij in Berlijn.
  • Biografie
Meer informatie
Nikita Magaloff
Georgië, °1912 - 1992
Nikita Magaloff was een van de meest charismatische pianisten van de twintigste eeuw. Veel van zijn opnames zijn nog steeds beschikbaar en klinken modern, maar deze musicus was ooit bevriend met Rachmaninov, Prokofiev, van wie hij compositielessen kreeg, en Ravel, die een enthousiast bewonderaar van hem was. Hij concerteerde met de belangrijkste dirigenten en orkesten van toen en op de meest prestigieuze festivals. Hij werkte ook samen met toonaangevende strijkers als violist Joseph Szigeti.

Hij was kosmopolitisch ingesteld en had een breed repertoire met een voorkeur voor Chopin : hij speelde vaak volledige programma's met enkel werk van Chopin en had de eer de eerste te zijn om alle pianostukken van Chopin op te nemen. Maar zijn repertoire omvatte ook Beethoven, Mendelssohn, Mozart, Brahms, Schumann, Liszt, Debussy, Ravel, Fauré, Prokofiev, Rachmaninov, Stravinsky, Scriabin, en vele anderen. Veel van zijn opnames zijn beschikbaar bij Philips en Decca.

Nikita Magaloff werd geboren in St. Petersburg in 1912. Zijn familie vluchtte voor de revolutie toen hij zes was, reisde eerst naar Finland, vervolgens naar de Verenigde Staten, om zich uiteindelijk te vestigen in Parijs in 1922. Hij studeerde er aan het Conservatorium, waar zijn belangrijkste leraar Isidor Philipp was.

Het was in het Parijs van de jaren '20 dat Nikita Magaloff Prokofiev, Ravel en Rachmaninov ontmoette, componisten wiens muziek en invloed een belangrijke rol gespeeld hebben in zijn carrière. Ook raakte hij daar bevriend met Szigeti, die hem een breed scala van kamermuziek liet ontdekken en wiens dochter hij later zou trouwen.

Hoewel hij van de jaren 1920 tot 1950 erg actief was op tal van concertpodia en in de opnamestudio, leek zijn carrière pas vleugels te krijgen na 1960, misschien een gevolg van het stopzetten van zijn onderwijsactiviteiten ; van 1949 tot 1959 gaf hij regelmatig masterclasses aan het Conservatorium van Genève. Maar een deel van zijn late succes is misschien ook te danken aan de verandering in zijn stijl : hij nam meer risico, toonde een grotere passie en speelde met meer pit.

De meeste van de nog beschikbare opnames van Nikita Magaloff werden gemaakt na 1960. Hij bleef bezig gedurende de laatste drie decennia van zijn carrière en gaf zelfs aan het eind nauwelijks gas terug : in het seizoen 1990-1991 wijdde hij een zesdelige concertserie bijna volledige aan het oeuvre van Chopin.
  • Biografie
Meer informatie
Abel Matthys
België, °1921 - 2011
Meer informatie
Viktor Merjanov
Rusland (Federatie) - 2012
Viktor Merjanov is pianoleraar en directeur van de afdeling piano aan het Conservatorium van Moskou, waar hij zelf ooit les kreeg van professor Feinberg. Hij behaalde grote nationale en internationale prijzen, waaronder op de Chopinwedstrijd in 1949, die ook tal van zijn leerlingen op hun beurt weten te winnen.
Als solist, leraar en gastspreker trekt hij rond in de voormalige Sovjet-Unie en reist door naar vrijwel heel Europa tot in Cuba en de Verenigde Staten. Onder leiding van talrijke beroemde dirigenten als Kondrashin, Temirkanov, Maderna of Berglund gaf hij concerten.
Verder zijn van hem heel wat artikels in verband met muziek en pedagogie verschenen. Hij is lid van het comité van de International Music Union en voorzitter van de Rachmaninov Vereniging in Rusland. Hij zit ook de Rachmaninovwedstrijd in Moskou voor en zetelt als jurylid in tal van internationale pianowedstrijden.
  • Biografie
Meer informatie
Ivan Moravec
- 2015
Meer informatie
Jean-Claude Vanden Eynden
België, °1947
Jean-Claude Vanden Eynden was amper 16 jaar oud wanneer hij in 1964 werd uitgeroepen tot laureaat van de Koningin Elisabethwedstrijd. Die waardevolle onderscheiding was het startpunt van een briljante loopbaan, met optredens in de mooiste concertzalen ter wereld en op de beroemdste festivals, zoals die van Korsholm (Finland), Umea (Zweden), Prades, La Chaise-Dieu en Giverny (Frankrijk), Delft (Nederland), Seoul (Korea), Stavelot en Seneffe (België). Op kamermuziekgebied speelde hij met vooraanstaande Belgische en internationale partners zoals Véronique Bogaerts, Marie Hallynck, Augustin Dumay, Silvia Marcovici, Mihaela Martin, Miriam Fried, Gérard Caussé, Frans Helmerson, José Van Dam, Walter Boeykens, het Quatuor Enesco, het Melos Quartett, het Quatuor Ysaÿe en het Ensemble César Franck. Zijn brede en indrukwekkende repertoire omvat bijna alle grote concerto’s, een brede waaier aan kamermuziekwerken en vooral het complete werk voor piano solo van Maurice Ravel. Jean-Claude Vanden Eynden is in 2018 door Koning Filip in de adelstand verheven met de persoonlijke titel van ridder.
  • Biografie
Meer informatie
Kazuko Yasukawa
Meer informatie
Herbeleef de optredens van Piano 2021
Volg ons op Instagram
Deze Website maakt gebruik van cookies om u de best mogelijke ervaring te bieden.
Door op « ACCEPTEREN » te klikken of door verder te gaan met het gebruik van de Website, aanvaardt u het gebruik van cookies in uw webbrowser. Voor meer informatie over ons cookiebeleid en de verschillende soorten cookies die worden gebruikt, klikt u op Meer informatie
ACCEPTEREN